dinsdag

Straatvoetbal ('Hobbel', gepubliceerd in Straatnieuws, November 2006)

Wegens een gebrek aan zonen, komt het er bij ons nooit echt van; even lekker op straat voetballen. Op het grasveld van het park lopen ze nog wel eens bevallig achter een balletje aan te huppelen, Anna en Kitty van drie en José van zes jaar, maar dat mag je toch eigenlijk geen voetballen noemen.

Wat mij opvalt, is dat ik het bij ons in de buurt sowieso niet meer zie; jongens die zo gauw ze vrij zijn met een bal de straat op gaan en pas weer naar binnen gaan als hun moeder ze voor de zevende keer geroepen heeft dat het eten klaar is. En dat terwijl de helft van de jongens een Brazilië- of Barcelonashirt van Ronaldhino heeft en de andere helft met Van Nistelrooij of Kuijt op zijn rug loopt.

Wij wáren Cruijff. Wij schoffelden als Van Hanegem, schoten vanaf een meter of veertig ballen in de kruising als Arie Haan en stopten onhoudbare ballen zoals alleen Jan van Beveren dat kon. Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat voetbalden wij overal waar een garagedeur of klimrek dienst kon doen als doel. De straat was van ons en we geneerden ons niet om automobilisten te vragen ergens anders te parkeren. "Hier zou ik niet parkeren als ik u was, of wilt u soms een deuk in uw auto?"

Onze schamele uitrusting ging ons er niet van weerhouden de absolute top te halen, overtuigd als wij waren van onze onbegrensde mogelijkheden. Verbeeldingskracht was onze voornaamste kwaliteit; daarmee werden wij makkelijker wereldkampioen dan met Puma voetbalschoenen of met voetbalspelletjes van Playstation. Mijn vrienden en ik waren de echte straatvoetbalhelden.

Sinds kort gaat mijn oudste dochter wél mee naar F.C.Utrecht. Van het spel snapt ze erg weinig ("in welk doel moet Utrecht schieten, pap?", vraagt ze, meestal in de tweede helft), maar ze komt dan ook vooral voor het eten, het drinken, het zingen en het juichen. In die volgorde. Haar oudere nicht uit Houten, die tot groot verdriet van mijn zwager een fanatiek F.C.Utrecht-supporter is, wil ook wel een keer met ons mee naar het stadion. Zelfs haar dag en nacht gameboyende grote neef schijnt interesse te hebben om de familietribune onveilig te maken. De harde kern van onze familie breidt zich steeds verder uit en het wachten is op de eerste arrestaties.

Ach ja, het houdt ze van de straat. Helaas.

donderdag

Rotterdams Leed

Er komt nog méér leed uit Rotterdam dan alleen Feijenoord. Sinds dik een jaar heeft het AD een aantal regionale kranten overgenomen, waaronder het Utrechts Nieuwsblad.

En dus kijk ik nu elke morgen tegen dit soort voorkanten aan:

"Gek van keuzes", staat er als kop bij.
Dat heb ik ook regelmatig als ik terugdenk aan mijn keuze om het AD/UN aan te houden.
In dit geval slaan de kop en foto op de keuzes die wij als consumenten van kabel, telefonie, stroom etc. tegenwoordig moeten maken. Deze voorkant is nog redelijk beschaafd en journalistiek integer.

Omdat ik op de hoogte wil blijven van wat er in mijn regio gebeurt heb ik het UN nog steeds, maar mijn geduld wordt steeds vaker op de proef gesteld. De artikelen in het AD-deel hebben bijna zonder uitzondering de diepgang van de Privé en de strips (TOON!) halen het niveau van de Donald Duck op geen stukken na! Zelfs het stadsdeel is niet meer wat het geweest is. Ik vermoed dat er op de stadsredactie inmiddels ook Rotterdammers zitten.

Valt vanmorgen - zonder waarschuwing - ineens de NRC-Next door de brievenbus! Daar werd ik ook al niet vrolijk van. Ik weet het, dit blaadje richt zich vooral op de jonge lezert, maar zijn die dan echt te lui om meer dan twee alinea's te lezen?
Als ik niet uitkijk ga ik binnenkort nog een Volkskrant kopen. Ga ik nog meer zeuren.

zaterdag

Lala

Beetje laat hoor, maar Nederland-Albanië was leuk. Altijd lachen als het op SBS6 uitgezonden wordt. Neem nou bijvoorbeeld die troel in de rust die weer zo'n lullig prijsvraagje mocht doen. Die moet de volgende dag weer gewoon escort-service bieden. Dat vind ik humor. En Hans Kraaijtje in de rust, hoe vond je die?
Louis van Gaal had in de rust uitgelegd dat Oranje in de eerste helft matig speelde. Ik denk dan: laat maar lullen die van Gaal, ik vond het leuk die eertse 45 minuten, jullie toch ook? Maar Hansje heeft Louis gehoord en zegt: "de eerste helft was erg slecht, hopelijk wordt de tweede helft beter." Dat lukte niet.
Het hoogtepunt vond ik echter de wissel van de Albaniër/Albaan/Albanees (ze wisten het niet bij SBS) Lala. Toen ik zag dat Lala eruit ging hoopte ik dat Tinky Winky erin ging komen, maar die bleek geblesseerd. Tinky Winky is altijd goed voor een doelpuntje. Toch jammer, het was zo'n leuke uitslag geweest: Nederland-Teletubbies: 2-2. Niet dan?

zondag

Süssersee

Ik ben net terug van de wintersport. We zaten met de vrijdagavond-tennislesgroep (2 vrouw, 3 man) in een idyllisch dorpje in de omgeving van Den Haag.

Süssersee
Omdat ik nog nooit op ski's gestaan had, kreeg ik van Martine en René privé-les. Waar je als oude man nog aan begint! Nadat de grondbeginselen mij waren bijgebracht, begon ik aan mijn eerste afdaling. Bochtje links, bochtje rechts, dat ging best, maar na het tweede bochtje vond ik de snelheid te hoog voor een derde en besloot rechtdoor naar beneden te gaan. Ook de hocke had ik al aardig onder de knie zodat mijn snelheid behoorlijk heftig hoog werd. Waar zitten de remmen op die dingen, dacht ik nog even, toen ik slalommend tussen lesgroepjes en snowboarders naar beneden suisde. Dat waren we dus vergeten, tijdens mijn eerste lessen: hoe remt men op ski's.
Wild zwaaiend met mijn stokken kwam ik onderaan de helling en gleed rechtuit, door de klapdeurtjes, de donkerbruine piste binnen om tegen de bar tot stilstand te komen. Ik bestelde een biertje, nadat ik een waarschuwing van de kroegbaas had gekregen wegens het dragen van latten in de kroeg. Gelukkig had ik genoeg geld bij me, want ik bleek met mijn skistokken twee rijk gevulde handtassen verzameld te hebben.
René kwam binnen: "Oké, dat ging prima, Henk. Ben je klaar voor les twee?"
René is grappig.

De afdalingen daarna gingen een stuk beter, maar ik ben toch meer in de wieg gelegd voor de après-ski; flauw maar waar.
Is dat trouwens ook een Olympisch alpinenummer, après-skiën?

dinsdag

Winkelhart Utrecht, 2007 ('Hobbel', gepubliceerd in Straatnieuws, Oktober 2006)

NB: Zoals gebruikelijk staat er in de kop 'gepubliceerd in Straatnieuws'. Zeker weten doe ik dat eigenlijk niet, want ik kan de krant momenteel bijna nergens krijgen. Hoe zijn jullie ervaringen met de verkrijgbaarheid van Straatnieuws?

Het was druk in de computerwinkel in de binnenstad. Ongeduldig tikte meneer Klant met zijn vingers op de balie, waar drie verkopers eenzelfde hoeveelheid kopers van adviezen en apparatuur voorzagen. Zichtbaar gegeneerd probeerde mevrouw Klant haar man tot rust te manen. "We zijn zo aan de beurt, Jan, hou je in", zei ze zo onopvallend mogelijk tussen haar tanden.
Ondertussen had koper A met duidelijke tegenzin een belachelijk dure inktcartridge voor zijn spotgoedkope printer afgerekend, zodat er een verkoper beschikbaar kwam. Wild gebarend en kuchend probeerde mijnheer Klant de aandacht van de vrije verkoper te trekken. De verkoper deed in zijn vrije tijd aan amateurtoneel en deed net of hij meneer Klant zojuist pas opmerkte.
"Mijnheer, kan ik u misschien ergens mee van dienst zijn?", sprak hij op nederige toon. Het sarcasme ontging meneer Klant.
"Ik wil die pc daar.", wees hij de verkoper naar een stelling vol digitaal vermaak. "Die blauwe."
"Een uitstekende keus, als ik zo vrij mag zijn. Als u even meeloopt? De blauwe zijn inderdaad van een prima kwaliteit. Daarnaast hebben zij standaard......"
"Ja, en dan wil ik graag dat flatscreen beeldscherm en die printer daar."
"Jan, moeten we niet eerst even rustig rondkijken?", probeerde mevrouw Klant.
"Rustig rondkijken, rustig rondkijken? We lopen hier al uren te hangen!", rondde Jan de tien minuten naar boven af. "Ik heb nog meer te doen!" Hoewel zijn vrouw niet kon bedenken waar haar man vandaag nog zo druk mee kon zijn, besloot zij zichzelf het zwijgen op te leggen.
Omdat de verkoper zijn standaard verhaaltjes over de apparatuur niet mocht houden van Jan, besloot ook hij verder te zwijgen. Er viel een ongemakkelijke stilte, waarin de verkoper wachtte op afdingpogingen van zijn eigenaardige klant. Deze kwamen niet.
"Oké, inpakken en wegwezen.", zei hij alleen.
Pas toen de verkoper in het magazijn was om de dozen te halen, durfde mevrouw Klant weer wat te zeggen.
"Je hebt niet eens afgedongen, Jan! Zoveel haast hebben we toch niet?"
Bedroefd over zoveel onbenul keek hij zijn vrouw aan.
"Waar hebben wij het autootje staan, schat? Precies, op het Paardenveldje. En hoeveel centjes moest ik in het metertje gooien voor een uurtje parkeren, lieverd? Inderdaad, tien eurootjes. En omdat ik maar achtenhalve euro had is de parkeertijd nu bijna om, dus als jij nog ergens een kopje koffie wilt gaan drinken, moeten we nog tien euro voor de meter en tien euro voor twee cappuccino hebben. Zullen we dat thuis maar doen, die koffie?"

zondag

Motivatieproblemen (TennisVisie, clubblad ZTC, September 2006)

Als verdedigend achtstefinalist op de meeste onderdelen begon ik met frisse tegenzin aan de clubkampioenschappen. Voor wie mij kent als de altijd gemotiveerde tennisfanaat komt dit ongetwijfeld als een schok, maar voor mij hoefde het niet zo nodig, dit jaar. Mijn laconieke houding op de baan was voor veel leden een onaangename verrassing en ik wil daar graag op deze plaats verantwoording voor afleggen. Er wordt namelijk van mij verwacht (geëist?) dat ik luidruchtig mijn missers becommentarieer en dat mijn rackets na een toernooi moeiteloos hun vliegbrevet halen. Ik begrijp dan ook de teleurstelling bij mijn fans dat hier tijdens de afgelopen clubkampioenschappen geen sprake van was. Mijn oprechte excuses hiervoor. Er waren echter ook verzachtende omstandigheden:

  • Ik begon behoorlijk gestresst aan het toernooi, vanwege drukte (kinderen) en beslommeringen (breek me de bek niet open) thuis. Waar andere mensen agressief of onrustig worden bij stress, word ik ongeïnteresseerd.
  • In het eerste weekend speelde ik 5 (vijf!) wedstrijden, waaronder 4 (veel) driesetters. Daar zouden zelfs Arjo Smits en de familie De Meulenmeester tennismoe van worden!
  • De deuceregel, waarbij na 40-gelijk het volgende punt de gamewinst opleverde. Het argument dat partijen hierdoor minder lang duurden en niemand hierdoor aanwijsbaar bevoordeeld werd klopt weliswaar redelijk, maar dat geldt ook voor:
    - Het spelen met aan elkaar gestrikte schoenveters.
    - Het vervangen van de tennisbal door een skippybal.
    - Het spelen met vijftig kilo lood om je middel.
    Kortom, van de deuceregel werd ik ook al niet enthousiast.
  • Een gewonnen poulepartij die niet meegerekend werd, vanwege het terugtrekken van de tegenstanders. Dat heb ik weer!

Nee, dit waren niet mijn clubkampioenschappen.
Gelukkig heb ik nog wel een onderdeel gewonnen: het blijven zitten tot sluitingstijd. Maar ja, daarvoor ben ik elk jaar als eerste geplaatst.

Woede

Kennen jullie dat? Dagen waarop je denkt dat de hele wereld tegen je is, dat je zelfs van je vrienden alleen maar kloteopmerkingen krijgt en dat je eigenlijk alleen maar kwaad wilt zijn, of dat nou terecht is of niet? Vandaag was zo'n dag, ja.
Maar ik zweer het je, ze zoeken je dan ook wel, hoor! Hoe kunnen we Henk vandaag eens pakken, hoor je ze denken. Boos willen ze je zien en boos zullen ze me krijgen, neem dat maar van mij aan. Jullie willen voorbeelden, maar vergeet dat maar lekker, want dat maak ik toevallig wel zelf uit, ja?!

Man, ik had zelfs geen zin in een biertje en dat ik er dan tóch één neem om mezelf te pesten, zo'n dag. Nee, de woede is nog niet gezakt, ik gesel mijn toetsenbord met veel te harde aanslagen en backspaces wegens te veel toetsen tegelijk en het lucht niet eens op!

Eigenlijk begon het gisteravond al, maar omdat ik te trouw ben aan mijn vrienden ga ik niet vertellen wie het was, die mij als eerste een klotegevoel bezorgde. Hij weet het zelf wel, als hij dit leest. Dat zal hem leren.

Zelfs bij een leuk telefoontje hoef ik van mijzelf niet te lachen en ook al is Koefnoen best leuk, ik draag mijn kwade gezicht tot het eind. Als je een kutdag hebt, moet je daar zo lang mogelijk van genieten. Dat maakt de topdag van morgen toch ook mooier? Bovendien, je gezin moet toch weten dat je boos bent en blijft? Daar hebben ze recht op. Het contrast met die altijd-gezellige-manlief-en-papa is des te groter als je het goed volhoudt, je woede.
En nu wil ik kusjes, lieve bemoedigende woordjes en vreselijke slijmverhalen.
Eén voor één graag.